Dennis Severs’ House: 'You either see it, or you don’t'

thumb

Ik ben gek op historische huizen. Waar geleefd is, waar kunst, architectuur en geschiedenis samenkomen, waar het ontwerp soms bepaald is door een architect, maar vaker nog door toeval, daar gaat voor mij een wereld open. Ik bezoek ze overal waar ik kom, maar niet eerder was ik zo’n onorthodox huismuseum tegengekomen als het Dennis Severs’ House in Londen. 'Wees gewaarschuwd', meldt de website streng, 'het is een fout om deze ervaring in te delen in een van de stoffige hokjes erfgoed, lokale geschiedenis, antiek, lifestyle of museum'. Het maakt me nieuwsgierig. Wat is er te zien in dit Georgian huis in de Oost-Londense wijk Spitalfields?

Vanuit het daglicht buiten stap je het donker van het museum in, twee eeuwen terug in de tijd. Meteen word je getroffen door het geluid van tikkende klokken, de geur van de open haard en het kaarslicht dat over een curieuze verzameling voorwerpen schijnt. Hoewel de inrichting op het eerste gezicht onmiskenbaar 'van vroeger' is, blijkt de combinatie van voorwerpen een bijzondere mix van kunst en kitsch. Is dit een zorgvuldige selectie uit de plaatselijke tweedehandswinkel, of zit hier een diepere gedachte achter?

Historische correctheid en een juiste museuminrichting waren voor de Amerikaan Dennis Severs, die dit huis in 1979 kocht, niet van belang. Hij schiep zijn eigen wereld, die hij still life drama noemde. Al dwalend door de kamers word je geconfronteerd met driedimensionale stillevens, die je op het spoor zetten van het verhaal van de fictieve familie Jervis. Deze uit Frankrijk gevluchte hugenoten, die zich in de zeventiende eeuw net als veel lotgenoten in Spitalfields gevestigd hadden, zijn door Severs in het leven geroepen als vroegere bewoners van dit huis. Een rommelige familie, dat is zeker: overal zie je halfleeg gedronken glazen, afgehapte broodjes en omgevallen stoelen. Stofzuigen deed de familie blijkbaar niet, kaarsvet is op de vloer gedruppeld en de paddenstoelen groeien uit de muur. Door onzichtbare geluidboxen klinken voetstappen en stemmen alsof de familieleden in een andere kamer zijn. Een zwarte poes laat zich gewillig aaien door de bezoekers. Af en toe liggen er briefjes van Severs die de bezoeker eraan herinneren dat ze niet in een gewoon museum zijn: 'What! You’re still looking at things, instead of what things are doing?'.

Severs' excentrieke stijl (soms kwam hij bezoekers met paard en wagen ophalen) en historische incorrectheid kreeg aanvankelijk veel kritiek. Nu zijn de tijden veranderd; zijn geleefde interieurs zijn een voorbeeld voor de conservatoren van de National Trust. De huidige huisbewaarder, die het stokje van Severs na zijn dood in 1999 heeft overgenomen, draagt nu zorg voor de spontane details die dit huis zo bijzonder maken: verse bloemen, een halfgesneden prei, opgeschudde bedden en wekenoude spinnenwebben.

Het Dennis Severs’ House is niet voor iedereen. In Severs' eigen woorden: 'You either see it, or you don't'. En inderdaad, het kost tijd en concentratie om je scepticisme achter je te laten en je over te geven aan de fantasiewereld van een kleurrijke figuur. Als dit je lukt, wordt je meegevoerd in Severs’ wonderlijke wereld. Eenmaal buiten ben je dan even vergeten wat je de rest van die dag ook alweer ging doen.

Wilt u zelf een bezoekje brengen, kijk voor meer informatie op: www.dennissevershouse.co.uk

Deze blog is geschreven door Froukje van der Meulen. Zij is kunsthistoricus en conservator van Paushuize.