Eileen Gray

thumb

Op 15 oktober werd een documentaire over Eileen Gray uitgebracht, Gray Matters, van Marco Orsini. Hoewel ontwerpster Eileen Gray, geboren in 1878 en overleden in 1976, tijdens haar leven en ook daarna perioden van grote bekendheid heeft gehad, lijkt het alsof ze om de 50 jaar opnieuw moet worden ontdekt. Toch is ze een van de invloedrijkste interieur- en meubelontwerpers uit het eerste kwart van de 20e eeuw, van wie de ontwerpen ook in een modern interieur van nu niet misstaan.

Eileen Gray werd op 9 augustus 1878 geboren in Ierland, als vijfde kind in een zeer welgesteld gezin. Eileens moeder was een geboren barones, haar vader had artistieke aanleg. Het gezin woonde op het landgoed Brownswood, maar vader verbleef veel in Zwitserland en Italië om te schilderen. Brownswood en de heuvelachtige omgeving waren heerlijk. Eileen genoot ervan om in een rolstoel van de heuvels af te racen. Ze was gefascineerd door snelheid en beweging. Nadat Eileens ouders gescheiden waren besloot haar moeder Brownswood af te breken en er een nieuw landhuis in Tudor-stijl voor in de plaats te laten bouwen. Eileen voelde zich er niet meer thuis. Alles waar ze van hield, was verdwenen.

 

In 1900 schreef Eileen zich als een van de eerste vrouwen in op de Slade School of Fine Art in Londen en een jaar later als leerling bij een atelier voor Japans lakwerk. Een bezoek samen met haar moeder aan de Wereldtentoonstelling in Parijs, met al zijn technische ontwikkelingen, maakte echter zo veel indruk op haar dat ze in 1902 besloot naar Parijs te verhuizen. Ze kocht een appartement aan de Rue Bonaparte 21, dat ze tot aan haar dood hield.

 

In Parijs ging Eileen samenwerken met de Japanse lakwerker Seizo Sugawara, een samenwerking die 40 jaar zou duren. Van hem leerde ze de ingewikkelde en verfijnde techniek van het lakwerk en ze werd er een meester in. Met haar kamerschermen van lakwerk bereikte ze bekendheid in de hoogste Parijse kringen. Aanvankelijk was de beschildering van de kamerschermen figuratief, in Art Nouveau-stijl, maar allengs werden de ontwerpen abstracter. Eileens naam was gevestigd, ze werd alom bewonderd en er volgden tentoonstellingen. Ze kreeg ontwerpopdrachten voor complete interieurs, stoelen, tapijten, kasten, daybeds. De ontwerpen zijn strak, (multi)functioneel, gemaakt met eigentijdse materialen en gelden ook nu nog als top modern design.

 

Begin jaren ’20 leerde Eileen Jean Badovici kennen, een kunstcriticus van Roemeense afkomst, die ook wel in het tijdschrift De Stijl artikelen publiceerde. Hij liet haar kennismaken met de moderne architecten van die tijd en hun ontwerpen, onder wie Rietveld en Mies van der Rohe. Eileen keerde zich af van haar vroegere decoratieve, luxe ontwerpen en besloot alleen nog intellectueel werk te maken. Jean Badovici stimuleerde haar een huis te ontwerpen. Dat werd een prachtige villa aan zee voor hen samen. Eileen kocht er in 1925 een stuk grond voor bij Rocquebrune-Cap-Martin aan de Zuid-Franse kust. Toen het huis na 3 jaar klaar was, liet ze het op naam van Jean zetten. De villa kreeg de raadselachtige naam E1027, die verwijst naar de initialen van Eileens eigen naam en met de cijfers naar die van Jean (10e letter van het alfabet) Badovici (2e) en Gray(7e). Het huis is gericht op de zee en het buitenleven en heeft met zijn horizontale lijnen en ramen wel iets van een oceaanstomer. De inrichting is volledig door Eileen ontworpen en uitermate functioneel, kasten en tafels zijn vaak op verschillende manieren te gebruiken. Er werden veel teksten aangebracht op de wanden: ‘entrez lentement’ en ‘invitation au voyage’. Op kasten stonden aanwijzingen over de inhoud: ‘pyjama’s’ en ‘little things’. De buitenruimte is net  zo functioneel als het interieur. Het huis was een triomf. Het werd overal bejubeld. Eileen vond dat een huis voor mensen moest zijn als een schelp, die fysiek om hem heen moest passen, maar ook geestelijk.

 

In 1932 kwam een eind aan de relatie met Badovici. Eileen ontwierp een kleiner huis voor zichzelf in Castellar, waarin opnieuw de binnen- en de buitenruimte even belangrijk waren. Dit huis is in de Tweede Wereldoorlog verwoest; er zijn zelfs geen tekeningen bewaard gebleven. Badovici bleef in villa E1027 wonen. In 1938 ontving hij er voor het eerst de bevriende architect Le Corbusier, die Gray in een brief liet weten hoe hij haar ontwerp bewonderde. Dit weerhield hem er echter niet van de strakke witte muren in de villa over te schilderen met kleurige abstracte voorstellingen. De Franse kunstwereld sprak schande van dit verraad aan het ontwerp van Eileen, maar zelf verwaardigde ze zich niet commentaar te leveren. Ze was bescheiden en trad niet op de voorgrond.

Ze begon hoe langer hoe meer teruggetrokken te leven en raakte in de vergetelheid. Tot 1972, toen Yves Saint Laurent een kamerscherm van Gray kocht op een veiling voor het destijds fabelachtige bedrag van 36.000 dollar. Eileen zelf was daar nog het meest verbaasd over. Ver over de 90 jaar oud, werd ze ineens weer beroemd. Haar ontwerpen werden weer in productie genomen. In 1976 overleed Gray in haar appartement aan de Rue Bonaparte en raakte opnieuw vergeten. In 2013 werd een grote tentoonstelling aan haar werk gewijd in Centre Pompidou. Over de restauratie van villa E1027 wordt al jaren gediscussieerd: moeten de schilderingen van Le Corbusier worden behouden of moet de villa teruggebracht worden in de oorspronkelijke staat van het ontwerp van Gray?

Regelmatig verschijnt er een blog van een docent, cursist of medewerker van de KLU. Deze blog is van Willy Koekkoek.